Vandenbroucke vindt onduidelijkheid over donorkinderen teveel werk
Volgens nieuwe berichtgeving vandaag blijken in België al zeker 93 spermadonoren vaker te zijn gebruikt dan wettelijk is toegelaten.“Bijzonder verontrustend,” reageert Kamerlid Katleen Bury.“Minstens even bedenkelijk is dat bevoegd minister Frank Vandenbroucke(Vooruit) ondertussen moest bekennen dat cruciale gegevens over fertiliteitsincidenten niet op een gestructureerde of gecentraliseerde manier beschikbaar zijn”.
Katleen Bury vroeg de minister via een parlementaire vraag naar cijfers over onder meer misidentificaties, verwisselingen, transportincidenten, contaminaties, root-cause analyses en corrigerende maatregelen. Uit het antwoord dat ze ontving, blijkt dat deze gegevens niet centraal beschikbaar zijn. Volgens de minister vergt het verzamelen van die gegevens immers een “onredelijke werklast” en “disproportionele belasting” voor het FAGG. Wat nochtans wordt tegengesproken door de cijfers in de mediaberichtgeving vandaag.
Voor Bury is dit onaanvaardbaar. “Bij één donor met een genetisch defect bleek het geen probleem om snel in kaart te brengen hoeveel kinderen hij had verwekt. Maar wanneer het gaat over alle betrokken donorkinderen en gezinnen, dan is er opeens sprake van een onredelijke werklast. Deze kinderen hebben eveneens het recht op info over hun aantal halfbroers en -zussen. De overheid heeft de plicht om die duidelijkheid zo snel mogelijk te bieden, zodat de omvang van de overschrijdingen duidelijk wordt. In een dossier dat raakt aan afstamming, medische veiligheid en menselijke waardigheid mogen administratieve versnippering en werklast nooit een excuus zijn. ”
“Administratie en werklast mogen geen excuus zijn”
Dat de federale overheid vandaag nog altijd geen volledig, gestructureerd en actueel overzicht kan voorleggen, is volgens Bury een ernstige tekortkoming in het toezicht. Het Kamerlid vraagt daarom dat er bij hoogdringendheid voor duidelijkheid wordt gezorgd door sluitende centrale registratie te voorzien. “De vraag is niet of dit administratief moeilijk is. De vraag is of de overheid bereid is om van dit dossier eindelijk een echte prioriteit te maken. Voor de betrokken gezinnen is dat geen detail, maar een fundamenteel recht,” besluit Bury.